|
Een maandje heerlijk helemaal nix Slechts drie weken waren we weg uit Fujairah, drie weken fietsten waren we in Oman en toch lijkt het een eeuwigheid geleden dat we het paradijs verlieten.
Een dag eerder is de sjeik van Dubai overleden, tevens vice-president van het land. De Emiraten zijn veertig dagen in rouw en alle overheidsinstellingen gaan voor een week dicht. In het dagelijkse leven is er gelukkig niet veel van te merken: business goes on as usual en de winkels zijn gewoon open, ook tijdens het Eid-feest.
Op vrijdag de dertiende gaan we met z’n allen vissen. Zoon Marijn, Henry en ik vangen een paar flinke barracuda’s, voor ons is het een geluksdag. Zo niet voor Karin, die halfliggend op de achtersteven onvrijwillig de vissen voert. Paul geeft daags daarna een rondleiding bij Vopak, het grootste opslagbedrijf voor olieprodukten ter wereld. De veiligheidsnormen zijn streng; sinds Pauls komst hier drie jaar geleden is de terminal sterk gegroeid en veel veiliger geworden. Met zware veiligheidsschoenen aan, bril en helm op zien we dat het goed is. Om het fietsen niet helemaal te verleren maken Karin en ik af en toe een tochtje door het Hajar Gebergte. We rijden door slaperige dorpjes, worden begroet door enthousiaste, gillende kinderen, en bereiken warmwater bron Ain Al Ghamour, waar het 60 graden warme bronwater onze verhitte lijven nog wat meer verwarmt. De bron, modern verpakt in twee betonnen bouwsels, stelt niets voor. De op de vuilnisbelt van Kalba smullende kamelen zijn eigenlijk leuker.
Vopak huurt met regelmaat Nederlandse expertise in voor diverse klussen en we maken kennis met Jan, Aad, Engel en Robbie. De een levert voor ons bestellingen af uit Nederland, de ander neemt een overtollig pakje van ons mee en stuurt het naar onze familie. We worden maar verwend, en betalen is uit den boze. Was tennissen voor mij altijd een sport voor de elite, als je het voor het eerst van je leven doet blijkt het nog leuk te zijn ook! Na twee uur met Paul op het tenniscourt van het Hilton heb ik er nog geen genoeg van. Helaas word ik de volgende dagen gestraft met zware benen en spierpijn. Terwijl Karin vijf boeken van Marleen over India doorspit en een overzicht maakt van alle interessante plekken die we willen befietsen, schrijf ik de laatste verhalen voor de website en lees me suf aan de door Chris en Jean gratis verschafte thrillers. Jean heeft een boekenzaakje bij de Marina en omdat we voor War Child fietsen mogen we er nix voor betalen. Ineens zijn er vier weken om. Vier weken van rondlummelen, luieren, kaarten en kletsen met onze fantastische gastvrouw en vriendin Marleen, films kijken in de prive-bioscoop van Paul en hemels genieten van Hollandse oude kaas, Goudse stroopwafels en echte gehaktballen. Vopak/Paul heeft onze visa en een nieuw zadel voor Karin geregeld en beschermend bobbelplastic voor de fietsen gekocht. Bij Fairdeal nemen we beschaamd maar dankbaar de door hen gedoneerde tickets voor een vlucht naar India in ontvangst. We hebben er een paar fantastische sponsors bij.
Midden in de nacht nemen we smartelijk afscheid van Paul, Marleen en Mazen, die het opbrengen om ons op dit achterlijke tijdstip weg te brengen naar het vliegveld.
|